De vier pensioenpijlers in België
België kent een meerpijlersysteem voor pensioen. De eerste pijler is het wettelijk pensioen, betaald door de overheid. De tweede pijler is het aanvullend pensioen via uw werkgever of als zelfstandige: groepsverzekering, pensioenfonds, VAPZ. De derde pijler is individueel pensioensparen en langetermijnsparen. De vierde pijler is uw persoonlijk vermogen.
Elke pijler heeft een eigen fiscaal regime. In dit artikel focussen we op de belasting bij uitbetaling van de tweede en derde pijler, want daar worden de meeste fouten gemaakt en daar liggen de grootste optimalisatiemogelijkheden.
Veel Belgen onderschatten de belasting die ze betalen op hun aanvullend pensioen. Het nettobedrag kan aanzienlijk lager uitvallen dan het brutokapitaal dat op uw pensioenfiches staat vermeld.
Tweede pijler: groepsverzekering en pensioenfonds
Bij uitbetaling van uw groepsverzekering of pensioenfonds geldt een gunstig belastingtarief dat afhangt van het moment van uitbetaling. Wordt het kapitaal uitgekeerd op uw 65ste verjaardag of bij effectieve pensionering na een volledige loopbaan? Dan bedraagt het tarief 10%.
Gaat u vroeger met pensioen? Dan stijgt het tarief tot 16,5% of zelfs 20% afhankelijk van uw leeftijd bij uitbetaling.
Concreet: een groepsverzekering van 200.000 euro die uitgekeerd wordt op 65 jaar na een volledige carrière kost u circa 20.000 euro belasting. Dezelfde som bij vervroegd pensioen op 60 jaar zou circa 33.000 euro kosten. Het verschil van 13.000 euro is een sterke incentive om langer te werken.
Daarnaast wordt er een RIZIV-bijdrage van 3,55% en een solidariteitsbijdrage van 0% tot 2% ingehouden op het kapitaal. Die bijdragen komen bovenop de belasting.
Derde pijler: pensioensparen en langetermijnsparen
Pensioensparen, het bekende spaarpotje van 990 of 1.270 euro per jaar, wordt bij uitbetaling belast tegen een anticipatieve heffing van 8%. Die wordt automatisch ingehouden op uw 60ste verjaardag, ongeacht wanneer u effectief met pensioen gaat.
Dit is een gunstig systeem: na de heffing op uw 60ste zijn alle verdere opbrengsten belastingvrij. U kunt na uw 60ste zelfs blijven storten en fiscaal aftrekken, zonder dat er nog belasting op komt.
Langetermijnsparen wordt op dezelfde manier belast: 10% anticipatieve heffing op uw 60ste.
Belangrijk: de anticipatieve heffing wordt berekend op het gegarandeerde kapitaal, niet op de totale waarde inclusief winstdeelname. Het werkelijke belastingtarief is dus vaak lager dan 8% als percentage van het totale opgebouwde bedrag.
VAPZ: het Vrij Aanvullend Pensioen voor Zelfstandigen
Het VAPZ is een van de meest fiscaal voordelige spaarvormen in België. De premies zijn volledig aftrekbaar als beroepskost, wat ze bijzonder interessant maakt voor zelfstandigen met een hoog marginaal belastingtarief.
Bij uitbetaling geldt een fictieve rente die belast wordt tegen de progressieve tarieven. Maar door de volledige aftrekbaarheid van de premies is het nettorendement doorgaans zeer aantrekkelijk.
Het maximale VAPZ-bedrag voor 2026 bedraagt 8,17% van uw netto beroepsinkomen met een absoluut maximum van circa 3.960 euro voor het gewone VAPZ en circa 4.600 euro voor het sociaal VAPZ.
Het sociaal VAPZ biedt bovenop het pensioenkapitaal een dekking bij arbeidsongeschiktheid. De extra premie is bijzonder voordelig gezien de dubbele bescherming.
Optimalisatietips bij uitbetaling
Tip 1: ga niet vroeger met pensioen dan nodig als u een grote groepsverzekering hebt. Het tarief stijgt van 10% naar 16,5% of 20% bij vervroegde uitbetaling.
Tip 2: overweeg om uw groepsverzekering om te zetten in een periodieke rente in plaats van een eenmalig kapitaal. De belasting op een rente kan voordeliger zijn.
Tip 3: vermijd het opnemen van een voorschot op uw groepsverzekering. De fiscale gevolgen zijn complex en meestal ongunstig.
Tip 4: combineer de pijlers slim. De belastingdruk verschilt per pijler, en een goede spreiding maximaliseert uw netto pensioeninkomen.
Tip 5: raadpleeg een pensioenadviseur enkele jaren voor uw pensionering. Op dat moment kunt u nog bijsturen.